Pooks en de bank

Langzaam open ik mijn linkeroog en zie ik alleen geel. Als ik mijn rechteroog ook open, blijkt dit de muur te zijn. De bankleuning duwt oncomfortabel in mijn linkerwang, maar gelukkig lig ik nog stabiel. Wakker worden half naast de bank is geen pretje, en al helemaal niet op deze hoge leuning.

Terwijl ik nog naar de muur staar – hoe komt deze toch zo dichtbij? – hoor ik iets op de bank. Geritsel, een pagina die omgeslagen wordt…Er zit iemand op de bank! Ik draai mijn hoofd en knipper. Daar zit mijn baasje.

Dit is mijn kans! Als ik opspring glijd mijn achterpoot weg en verlies ik mijn evenwicht. Snel sla ik mijn nagels in de bank om te voorkomen dat ik helemaal val, en weet zo op de bankleuning te blijven. Mijn verschoven achterpoot vind de bankleuning weer en ik sta. Tijd om te gaan. Ik vlieg over de leuning naar de andere kant van de bank, waar mijn baasje zit. Bij de bocht in de bank hou ik in: één verkeerde stap en ik lig achter de bank. Dat is nu niet de bedoeling.

Als ik bij er ben, sta ik voor een keuze. De armleuning is bezet, hoe kom ik nu van de rugleuning af? Dit is te hoog! Dit kan niet! Misschien is er een afstap iets terug, ik draai om. Bij de bocht stop ik. Mijn voorpoten gaan alvast op het steile deel staan, en ik speur de mogelijkheden af. Het is hoog! Misschien als ik mijn poot nog wat meer strek! Nee, ook dan haal ik het niet. Misschien mijn andere poot! Ook niet…Zou ik het redden als ik spring? Ik aarzel, ga ik het proberen of niet? Ik kijk opzij, naar de plek waar ik heen wil. De armleuning is vrij! 

Snel klim ik weer terug de bankleuning op en ren naar de armleuning. Hier moet het lukken! Eerst plaats ik mijn linker voorpoot op de lagere leuning, dan mijn rechter. Mijn twee achterpoten komen tegelijk neer en ik schiet al door naar de schoot. Ik stap over de arm heen, dan ben ik er. Om de beste ligplek te vinden, draai ik een rondje. Wat ligt het lekkerst? Voor de zekerheid draai ik nog een rondje. En nog een. Ik zak door mijn achterpoten, mijn lijf gaat neer. Dan plaats ik mijn voorpoten op de arm voor mij, en leg ik mijn hoofd er bovenop. Een hand gaat door mijn vacht en kriebelt achter mijn oor. Zo. Ik lig.